Wat doet het CCE in de GGZ?

CoverSteeds meer GGZ-instellingen weten het CCE te vinden. Dit heeft onder meer te maken met de aandacht binnen de GGZ voor het terugdringen van dwang en drang. Vorig jaar deed het CCE ruim 250 consultaties in de GGZ. 

 

Consult Dwang en Drang

Wanneer een cliënt in een GGZ-instelling drie maanden gesepareerd is, verplicht het toetsingskader van de Inspectie voor de Gezondheidszorg de instelling om een externe consultatie aan te vragen. Hiervoor biedt het CCE het Consult Dwang en Drang.

 

In zo’n consult geeft een team van CCE-deskundigen advies op basis van een snelle, maar intensieve scan van de situatie rond de cliënt. De aanbevelingen hebben vrijwel altijd te maken met meer inzicht krijgen in de specifieke behoeften en competenties van de cliënt en daarbij aansluiten. Het gaat om het verbreden van de anamnese, het betrekken van familie, het inzetten van een gedragskundige en het verbeteren van het bejegeningsplan.

 

Actuele thema's in consultaties

Ambulantisering

Zorgprofessionals in de GGZ opereren steeds meer ambulant in zogeheten FACT-teams (flexible assertive community treatment). Deze FACT-teams bieden behandeling en begeleiding naar herstel aan mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen in combinatie met problemen op levensterreinen als wonen, werken, sociale contacten en financiën. Vanuit deze teams krijgt het CCE meer aanmeldingen voor consultaties. Het meest voorkomende probleemgedrag waarvoor het CCE wordt ingeschakeld, is agressie. Voor veel van de betreffende cliënten is geen goede woonplek te vinden: in psychiatrische klinieken worden zij alleen behandeld en kunnen ze niet wonen, terwijl het RIBW de noodzakelijke langjarige en kennisintensieve begeleiding niet kan bieden.

 

Combinatie met ASS en LVB

In consultaties is een groei te zien in het aantal cliënten bij wie naast psychiatrische problematiek ook sprake is van een aandoening in het autistisch spectrum (ASS) of van een lichte verstandelijke beperking (LVB). In veel gevallen is in de behandeling geen rekening gehouden met deze extra factoren, omdat ze niet zijn onderkend. Bij aanmelding voor een consultatie wordt bij 25% van de cliënten de diagnose ASS vermeld, maar na CCE-onderzoek loopt dit percentage op tot 40-50%. Omdat bepaling van het cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkelingsniveau meestal geen deel uitmaakt van de reguliere diagnostiek, kan het gebeuren dat cliënten met een lager dan gemiddeld IQ of SEO jarenlang worden overschat en overvraagd.
Wanneer in de consultatie de diagnose ASS of LVB wordt gesteld, is dat vaak de sleutel voor effectieve interventies ten aanzien van het probleemgedrag.

 

Suïcidedreiging

In sommige casussen is sprake van een risico op zelfdoding. Vaak heeft de cliënt al een suïcidepoging gedaan. Zorgprofessionals zien dan soms geen andere oplossing meer dan vrijheidsbeperking, in de vorm van high intensive care of isolatie. De consultatie van het CCE richt zich in die situaties op het begrijpen van factoren die het probleemgedrag veroorzaken en in stand houden, zodat een ander handelingsperspectief ontstaat.

 

Combinatie met verslaving

Bij consultaties vanwege probleemgedrag constateert het CCE meer dan voorheen dat cliënten niet alleen een psychiatrische stoornis hebben, maar ook kampen met een verslaving. Het kan hierbij gaan om verschillende middelen: alcohol, drugs en in toenemende mate gamen.

 

Meer over CCE en GGZ