Gebarentaal als oplossing

Sander is een 43-jarige doofblinde man die sinds zijn zevende in een instelling voor verstandelijk gehandicapten woont. Het werken op de boerderij is zijn lust en leven.

 

Sander wordt echter steeds agressiever. In de loop van de tijd krijgt hij één op één begeleiding, voor zijn eigen en andermans veiligheid. Op een gegeven moment kan de begeleiding zijn uitbarstingen niet meer aan. Ze zien geen oplossing en schakelen het CCE in.

 

Hoog niveau

Het CCE zet een consulent en een casemanager in, die onderzoeken wat er aan de hand is. Bevestigd wordt dat Sander nog maar weinig hoort en ziet; hij is praktisch doofblind. De consulent en casemanager van het CCE gaan samen met Sander en de begeleiders aan de slag met de onderlinge communicatie. Hoe kunnen de begeleiders zich aan hem duidelijk maken en hoe kan Sander zich verstaanbaar maken?

 

Sander heeft een relatief hoog niveau. Alls hij niet doofblind was geweest, was hij nooit in de sector voor verstandelijk gehandicapten terechtgekomen. Daarom kiest men ervoor om hem vier-handen-gebarentaal aan te leren. De begeleiders vouwen hun handen om die van hem en andersom en zo kunnen ze door middel van gebaren met elkaar spreken.

 

Beeldschrift

Het aanleren van deze gebarentaal vergt een enorme investering. Iedereen die met Sander werkt, moet de gebaren leren. Bovendien moet de gebarentaal ook scherp gehouden worden en, waar mogelijk, worden uitgebreid. Maar het is een succes. Inmiddels zijn al zo'n 150 gebaren in gebruik en dit aantal zal worden uitgebreid. Sander heeft het nieuwe communicatiemiddel heel snel opgepakt. Soms doet hij aan nieuwe begeleiders voor hoe het moet, als ze onzeker zijn of het ‘niet goed genoeg doen’. De begeleiders en Sander kunnen nu niet alleen over feitelijke zaken praten maar ook over zijn emoties en de dingen die hem dwarszitten. Misschien worden er ook pictogrammen (beeldschrift) in reliëf ingevoerd, zodat hij naast gebaren nog een middel heeft om zich duidelijk te maken.

 

Op vakantie

De uitbarstingen op de boerderij zijn verminderd tot feitelijk nul. De werkzaamheden van Sander zijn zelfs uitgebreid. Deels kan hij deze zelfstandig doen omdat de routes voor hem zijn gemerkt. De investering in de gebarentaal blijft fors en zeer specifiek omdat de communicatie op Sanders niveau moet blijven. Maar de resultaten zijn groots. Onlangs is hij meegeweest met een vakantieweek op een boot. Vroeger was dat niet mogelijk geweest: de kleine ruimtes en de onduidelijkheid van de nieuwe situatie waren redenen voor escalatie. Maar de begeleiders hebben hem nu goed voor kunnen bereiden. De reis was een succes, Sander heeft genoten.

 

Het CCE helpt onder andere mensen die doofblind zijn. Om privacyredenen komen namen niet overeen met de werkelijkheid.