'Te druk bezig met contact maken'

Sjaan, bijna vijftig, is geboren met een ernstige meervoudige beperking. Ze kan door deze beperking niet lopen en functioneert op een ontwikkelingsleeftijd van twee jaar. Haar sterk wisselende stemmingen maken haar steeds ongelukkiger. De begeleiders van de woning zien geen mogelijkheid meer om Sjaan gelukkig te maken.

 

Het is onduidelijk waar de wisselende stemmingen bij Sjaan vandaan komen. De manische periodes lijken steeds korter te worden, de depressieve periodes steeds langer. Sjaan leeft op de woongroep meer naast dan met de andere bewoners.

 

Onderzoek en analyse

De ingeschakelde coördinator denkt dat een communicatieprobleem de oorzaak is van de problemen van Sjaan. Hij schakelt een consulent in die video-opnamen maakt van Sjaan en haar begeleiders. De video maakt veel duidelijk. De beelden laten zien dat Sjaan niet graag mensen in haar omgeving wil hebben, maar dat ze zelf wel initiatief neemt tot contact. Sjaan houdt voortdurend de begeleiding in de gaten, maar kijkt weg als de begeleiding haar aankijkt. De consulent herkent de reactie van eerdere cliënten. De cliënt reageert in eerste instantie altijd met wegkijken. Pas later komt het contact terug, maar dan kijkt de begeleiding al lang niet meer.

 

Behandeldoelen

De vraag ontstaat wat er zou gebeuren als het initiatief van contact niet van de begeleiding maar van Sjaan uit zou gaan. De begeleiders van Sjaan krijgen als eerste opdracht om elke dag vijf minuten de tijd te nemen voor Sjaan. Na een paar dagen blijkt al dat Sjaan meer initiatief gaat nemen in het zoeken van contact. Door de juiste interactie wordt Sjaan steeds meer gestimuleerd om meer van zichzelf te laten zien. Een paar weken lang krijgt het personeel training in hoe ze contact kunnen maken met Sjaan. De begeleiding moet er voor Sjaan zijn, zonder dat er van haar verwacht moet worden dat er iets gaat gebeuren. Er ontstaat een andere wisselwerking tussen haar en de begeleiding waardoor de initiatieven van Sjaan nu wel worden opgemerkt. Sjaan verwacht namelijk alleen maar van de begeleiders dat ze weten waar ze is en wat ze aan het doen is. Ze wil in de gaten gehouden worden. De positieve uitwerking op Sjaan heeft ook zijn uitwerking op het enthousiasme van de begeleiding.

 

Nieuwe mogelijkheden

Sjaan, die eerst nog het liefst op haar slaapkamer of bij de deur zat, maakt nu echt weer deel uit van de woongroep. Soms ligt ze met haar hoofd op de schoot van een begeleider terwijl die wat papierwerk aan het doornemen is. Haar enorm hoge dosering medicatie is gereduceerd tot nul. Haar negatieve momenten blijft ze houden, maar het is voor haar geen reden meer om zich terug te trekken.

 

Het CCE helpt onder andere mensen met een ernstige meervoudige beperking. Om privacyredenen komen namen niet overeen met de werkelijkheid.