Jim van Os: 'Schizofrenie bestaat niet'

JIM van Os‘Als we over een jaar of 50 terugkijken, zullen we deze tijd zien als een tijd van transitie’, zegt Jim van Os, hoogleraar psychiatrie aan de Universiteit van Maastricht. En daarmee doelt hij niet op de organisatorische of wettelijke wijzigingen waarmee de GGZ nu bezig is.  ‘We moeten herstelgericht gaan werken. Dat is heel moeilijk in de huidige GGZ. De professionals zijn hartstikke goed, maar het systeem is het probleem. Dat gaat nu veranderen.’

 

‘Er heerst een misverstand in de psychiatrie. Wanneer we door onze professionele bril kijken, zien we allemaal uitingen van ziekten. Mensen die hun eerste psychose meemaken – vaak zijn ze dan best jong – krijgen te horen dat ze een ernstige, ongeneeslijke hersenziekte hebben: schizofrenie. En dat is onzin: als ze hulp op maat krijgen, kunnen ze er bovenop komen en een zinvol bestaan opbouwen. Er is een heel breed spectrum aan psychosegevoeligheid. We doen net of dat helemaal onder de zwaarste categorie valt. Net alsof je bij de diagnose suikerziekte meteen te horen krijgt:  “je nieren gaan uitvallen, je wordt blind en we gaan je ledematen amputeren”.  Zo worden mensen wanhopig gemaakt, en daar zijn ze niet bij gebaat. We moeten in de GGZ herstelgericht gaan werken in plaats van gefocust op medische behandeling.’

 

De site www.schizofreniebestaatniet.nl  is net gelanceerd. ‘Mensen die voor het eerst een psychose mee maken, moeten hier meteen naar toe. Met goede, wetenschappelijk onderbouwde informatie wil ik ze wapenen tegen de negatieve boodschap die ze van de GGZ gaan krijgen. Alle schizo-diagnoses zijn ‘labels’ die suggereren dat er een vast patroon bestaat. Maar ieder mens heeft juist een eigen verhouding in de vijf symptomen die op psychose wijzen. De meeste mensen kennen alleen psychotische ervaringen zoals waandenkbeelden, het horen van stemmen en verward gedrag. Maar ook depressie, manie, motivatieproblemen en cognitieve problemen zijn symptomen van een psychose. Ieder mens is gevoelig voor psychose, maar niet iedereen is even kwetsbaar. Door jeugdtrauma’s, buitensluiting en ervaringen van onveiligheid kan je veel kwetsbaarder worden.’

 

‘Schizofrenie bestaat niet’ is natuurlijk een knuppel in het hoenderhok. ‘Toch wordt het beter ontvangen dan verwacht. Eigenlijk zijn veel professionals het hier mee eens, maar er is ook heel veel wat we nog niet weten over het brein. Niet-weten accepteren we niet en we zetten modellen in om dat gat te vullen. Er wordt teveel medicatie voorgeschreven en in te hoge doses. Natuurlijk zeg ik niet dat genen geen rol spelen en dat medicatie slecht is, maar de rol van genen is niet zo dominant als vaak wordt afgeschilderd. Bovendien zijn genen vaak aanvullend op de omgeving: ze zorgen ervoor dat mensen meer of juist minder gevoelig zijn voor psychose.’

 

‘Omgeving’ is voor het CCE een sleutelwoord. Juist in die brede context om een cliënt zijn immers tal van factoren die je kunt beïnvloeden, zeker als er sprake is van probleemgedrag en handelingsverlegenheid. Maar het CCE spreekt wellicht in een jargon dat niet in de GGZ past? ‘Misschien past het juist wel’, meent Van Os. ‘Het past in ieder geval beter dan de medisch-klinische taal. Daarom pleit ik ook voor de term “herstel”. Slechts een zeer kleine minderheid van de mensen met psychose is ernstig ziek met een zeer slechte prognose. Je moet kijken wat goed is voor de patiënt op de lange termijn. Tussen die zeer slechte prognoses en de gevallen van volledig herstel zit een heel breed spectrum. Het gaat er om jouw persoonlijke kwetsbaarheid en kracht te leren kennen. Met de site willen we de term schizofrenie binnen vijf jaar uitbannen, en ruimte scheppen voor behandeling en begeleiding van mensen met psychose.’

 

Dit artikel verscheen eerder in het CCE Magazine GGZ - Expertise op maat (2015)