‘Opvoeden, ik had er geen idee van’

Hoe het CCE ook in de jeugdhulp kan meedenken

 Rick Hekman jeugd 2

Het is 2012, Pascal (8) is onhandelbaar en gaat al vier maanden niet meer naar school. Zijn ouders zijn ten einde raad. Alle hulpverlening heeft tot nu weinig opgeleverd en Pascal en zijn oudere broer dreigen opnieuw uit huis geplaatst te worden.

 

‘Het was een vreselijke periode’, vertelt Monique, de moeder van Pascal. ‘Pascal deed waar hij zin in had, maakte spullen van anderen kapot en was snel boos. Ook zijn broer had allerlei problemen. Mijn man wist er niet goed raad mee en trok zich steeds meer in zichzelf terug. Ik was wanhopig en had geen energie meer.’

 

Open en deskundig kijken

In 2007 waren de kinderen al een keer uit huis geplaatst. Drie jaar later mochten ze weer thuis komen wonen, zonder dat duidelijk was waarom dat nu weer kon. De ouders kregen daarna weinig ondersteuning bij de opvoeding van hun kinderen.

 

Toen de tweede uithuisplaatsing dreigde, vroeg de gezinsvoogd van Bureau Jeugdzorg of het CCE een advies over de uithuisplaatsing wilde uitbrengen.

 

‘Als CCE beslissen wij helemaal niet over uithuisplaatsingen’, legt Sjoerd Voorkamp, CCE-coördinator uit. ‘Maar wij kunnen wel zo open en deskundig mogelijk naar een situatie kijken. Wat speelt er precies? Wat verklaart dit gedrag? Zijn er oplossingen mogelijk? En wat is daarvoor nodig?’

 

Genoeg redenen voor onderzoek

Sjoerd bezocht het gezin van Pascal om een beeld van de situatie te krijgen. ‘Ik zag een radeloze vrouw en een jongetje van acht dat in alle opzichten grenzeloos was. Maar ik zag ook een moeder die van haar zoon hield en duidelijk hulp wilde.

 

Er was op dat moment nauwelijks passende hulpverlening voor het gezin. De hulpverleners die er wel waren, wisten niet goed hoe ze de verschillende problemen moesten interpreteren en hanteren. Daarom heb ik consulent Christine van de Bilt, GZ-psycholoog en onder andere gespecialiseerd in hechtingsproblematiek ingeschakeld. Ik vroeg haar een zo helder mogelijk beeld te geven van wat er bij Pascal speelde en eventueel een diagnose te stellen. Verder heb ik casemanager Reinout van Riet erbij gevraagd. Hij is pedagoog en ook onder andere gespecialiseerd in hechtingsproblematiek. Ik vroeg hem mee te kijken in het dagelijks leven van Pascals gezin en de opvoedingsvaardigheden van de ouders in te schatten, inclusief de eventueel noodzakelijke hulp vanuit het reguliere circuit.’

 

Onvoorwaardelijke liefde

‘Twee dingen raakten mij direct’, vertelt Christine. ‘De hele hulpverleningsgeschiedenis rond het gezin en wat daarin allemaal misgegaan is, maar ook de onvoorwaardelijke liefde van Pascals ouders, die je door alles heen voelde. Tegelijkertijd zag ik dat de ouders zich bijna geen raad wisten met hun kinderen. Ze leken geen idee te hebben hoe ze hun kinderen het beste konden opvoeden.’

 

Uit het onderzoek van Christine bleek onder andere dat Pascal in de periode van het onderzoek  sociaal-emotioneel op peuterniveau functioneerde. Ook waren er forse hechtingsproblemen.  Pascal maakte vaak ruzie, was driftig en hield zich niet aan regels. Hij daagde zijn ouders, broer en leerkrachten regelmatig uit en riep irritatie op door zijn grenzeloze gedrag.

 

Ingezette hulpverleners trainen

‘Het was allereerst belangrijk dat de ouders van Pascal gingen inzien dat hun zoon op een veel jonger niveau functioneerde dan zijn leeftijdsgenoten. En dat zij Pascal moesten gaan benaderen als een kind van een jaar of twee, drie’, vertelt Christine. ‘Dat betekent: veel warmte geven, maar ook duidelijke grenzen stellen, consequent reageren en veel structuur bieden. De ouders moesten heel praktisch leren hoe je dat doet.’

 

Daarbij heeft Reinout een belangrijke rol gespeeld. Vier maanden lang heeft hij Pascal en Monique wekelijks begeleid. Ook heeft hij de ingezette hulpverleners getraind, zoals past in de CCE-aanpak: niet overnemen, maar professionals begeleiden, zodat zij zo goed mogelijk aansluiten bij wat een cliënt nodig heeft.

 

Leren door ervaren

‘Tot het CCE langskwam, hadden we altijd hulpverleners gehad die aan tafel gingen zitten en mij dan veel tips gaven’, gaat Monique verder. ‘Maar dat werkte totaal niet; ik kon daar niets mee.

 

Maar Reinout kwam en deed het heel anders. Als Pascal weer boven op een keukenkastje zat, ging Reinout gewoon naast me op de grond zitten. Ik was gewend om Pascal te smeken tot hij eindelijk weer van dat kastje afkwam, maar Reinout leerde me om dat juist niet te doen. Ik moest wachten tot Pascal naar mij toe kwam. We gingen zitten en wachtten af. En het werkte: uiteindelijk kwam Pascal naar mij toe.

 

Alle gesprekken met Reinout draaiden erom dat ik als moeder het heft in handen moest nemen. Dat ik in allerlei situaties duidelijk en consequent met Pascal moest omgaan. Tot die tijd wist ik niet goed hoe je dat doet.’

 

Adviezen voor verdere begeleiding

‘Wij zagen steeds weer dat de ouders goed voor de jongens wilden zorgen, maar gewoon niet wisten hoe ze dat moesten doen’, beaamt Reinout. ‘Zodoende dachten wij vanuit het CCE steeds weer: we gaan ervoor. We doen wat we kunnen om dit gezin en de hulpverleners eromheen te helpen en uithuisplaatsing af te wenden.’

 

Ondertussen legde Reinout ook contact met Pascals oudere broer, en gaf hij adviezen voor zijn verdere begeleiding. ‘We hebben stap voor stap voor alle gezinsleden een veilige en prettige woonomgeving gecreëerd, waarin ieder gezinslid steeds beter zijn eigen rol en positie in het gezin helder kreeg.’ Zo werd duidelijk wat er in dit gezin precies nodig was aan hulpverlening en coaching.

 

Jezelf professioneel herpakken

De begeleiding van de situatie rond Pascal was een intensief traject, vertellen Christine en Reinout. ‘Over alles hing steeds de dreiging van de tweede uithuisplaatsing. Redden de ouders het of redden ze het niet, dat hebben we ons regelmatig afgevraagd’, aldus Reinout.

 

‘Ik was blij dat wij steeds samen naar het gezin konden gaan’, vervolgt Christine. ‘Je hebt in ingewikkelde situaties als deze echt een andere professional nodig om zo objectief mogelijk naar de situatie te blijven kijken. Je moet je niet laten meeslepen door je eigen emoties, maar je steeds professioneel herpakken en teruggaan naar de kernvraag: wat heeft degene waar het om draait nodig om weer zo gewoon mogelijk te functioneren? Daar heb je steeds een andere deskundige als klankbord bij nodig.’

 

Hulp uit reguliere circuit

Behalve de hulp van het CCE heeft ook de verhuizing naar een klein dorp in Noord-Brabant het gezin goed gedaan. ‘We wonen nu in een fijne buurt, waar we ons thuis voelen’, aldus Monique. ‘De mensen zijn aardig en hartelijk. Pascal en zijn broer hebben allebei een vriendje in de straat.’

 

Het contact met de jongens is nu veel beter. ‘Pascals broer blijft na het eten regelmatig nog even zitten om gezellig te kletsen. En Pascal zit op een fijne school in een kleine groep. Hij leest en rekent en kan lekker spelen.

 

Verder zorg ik beter voor mezelf. Handwerken, breien en het huis schoonmaken, nu maak ik daar bewust tijd voor.’

 

De begeleiding vanuit het CCE is afgerond en Pascal en zijn gezin krijgen nu hulp uit het reguliere circuit. Er komt wekelijks iemand van de thuiszorg om het gezin twee uur te begeleiden. Verder komt de gezinsvoogd van Bureau Jeugdzorg één keer in de paar maanden op bezoek.

 

Veranderd leven

‘Ik ben zo blij met alles wat de mensen van het CCE voor ons gedaan hebben. Het leven van Pascal en ons is echt veranderd’, besluit Monique.

‘Maar wees vooral ook trots op jezelf’, reageert Reinout. ‘Je hebt er hard voor geknokt. En omdat je van de jongens houdt en echt blijft opvoeden, gaat het nu goed.’

 

Dit artikel verscheen eerder in CCE Magazine 'Focus op Jeugd' (2016)